HIV Monitoring Rapport

In Nederland kunnen we eind maken aan de hiv-epidemie.  Actuele cijfers van de Stichting Hiv Monitoring laten zien hoe ver we daarin zijn en waar de uitdagingen liggen.

Aantal nieuwe hiv-diagnoses daalt beperkt

Het aantal nieuwe hiv-diagnoses in Nederland daalt beperkt en langzaam. Stichting Hiv Monitoring meldt ongeveer 820 nieuwe hiv-diagnoses in 2016. Dat is maar enkele tientallen minder dan het jaar daarvoor.  De afgelopen jaren blijft het aantal nieuwe hiv-diagnoses hangen rond de 900 per jaar.
In 2016 werd het merendeel (67%) van de nieuwe hiv-diagnoses gevonden bij mannen die seks hebben met mannen (MSM). Daarnaast was 25% opgelopen via heteroseksueel contact. In 2016 was 27% van de mensen met een nieuwe hiv-diagnose 50 jaar of ouder.

Bron: Stichting Hiv Monitoring

Hiv succesvol onderdrukt

De actuele cijfers laten zien dat we in Nederland vooral een slag gemaakt hebben in het behandelen en succesvol onderdrukken van hiv. Meer dan 95% van de mensen met een nieuwe hiv-diagnose was binnen zes weken bij de specialistische hiv-zorg terechtgekomen. Zo’n 94% start met hiv-behandeling bij een hoger CD4 aantal. Van de mensen met hiv op behandeling is bij 95% het virus succesvol onderdrukt. Het succesvol onderdrukken van hiv is belangrijk omdat het zorgt voor een lang en gezond leven met hiv én omdat het tegelijkertijd verdere overdracht voorkomt.
De totale groep van mensen met hiv in zorg in Nederland wordt ouder. In 2016 is 46% ouder dan 50 jaar. Meer dan 1.600 mensen met hiv in zorg is ouder dan 65 jaar. Er zijn 211 kinderen en adolescenten (0-17 jaar) met hiv in zorg.

Hiv niet tijdig gevonden

De cijfers laten zien dat we in Nederland onvoldoende resultaten behalen in het tijdig vinden van hiv-infecties. Naar schatting 2.600 mensen zijn niet op de hoogte van hun hiv-status. In 2016 kwam 43% van de mensen met een nieuwe hiv-diagnose erg laat in zorg: ze hadden een verzwakte weerstand of zelf aids. In 2016 zijn 30 mensen overleden aan aids, in de meeste gevallen het gevolg van het te laat ontdekken van de hiv-infectie.
Een op de drie homomannen, meer dan de helft van de heteroseksuele mannen en bijna de helft van de vrouwen met een nieuwe hiv diagnose komt laat in zorg. De kans laat in hiv-zorg te komen is groter bij mensen van 45 jaar of ouder en bij mensen afkomstig uit Zuid-  en Zuid-Oost Azië en sub-Sahara Afrika. 

Soa Aids Nederland vindt:

De cijfers laten duidelijk zien dat we kansen laten liggen om een einde aan hiv te maken in Nederland. We laten steken vallen  in het vroegtijdig vinden en in behandeling brengen van mensen met hiv, maar ook bij de preventie van hiv.

Lees het artikel

Een einde aan hiv maken

Als we in Nederland de hiv-epidemie willen stoppen dan moeten we de aanpak van hiv in de drie grote steden versnellen.  Zo’n 44% van alle mensen met hiv komen uit Amsterdam, Rotterdam en Den Haag. Ter inspiratie: in Amsterdam worden hiv-infecties onder homomannen eerder gevonden dan in de rest van het land, mede dankzij inspanningen van het lokale H-team project dat werkt naar een stad zonder nieuwe hiv-infecties.
Daarnaast moet een aanpak van hiv versneld worden in niet stedelijke gebieden in het Noorden, Oosten en Zuiden van Nederland. Dit vraagt vermoedelijk een andere aanpak dan in de grote steden. 


Hoe kunnen we er als professionals in de zorg en op beleidsniveau voor zorgen dat we nóg beter worden in het voorkomen van hiv? Zie:  Uitdagingen voor praktijk en beleid.

Meer informatie:

Delen