1924-1933 Een nieuwe koers

1924-1933: Een nieuwe koers

In steeds meer Westerse landen gaat de diagnose van een geslachtsziekte gepaard met dwangbehandeling en aangifte. Nederland blijft echter stellig vasthouden aan vrijwillige behandeling. Toch zoekt ook de Nederlandse geslachtsziektebestrijding naar een manier om patiënten onder behandeling te houden. Er wordt daarom een nieuwe koers ingeslagen, waarbij meerdere partijen met elkaar samenwerken. Kenmerkend daarbij is dat de Nederlandse geslachtsziektebestrijding via maatschappelijk werk de vrijwillige behandeling van patiënten bevordert.

Vrijwillige behandeling

Diverse landen scherpen de regels over geslachtsziekten aan: dwangbehandeling, aangifte en straffen zijn niet ongewoon. De Nederlandse arts Louis Heijermans waarschuwt juist voor aangifte en dwangbehandeling. Hij vreest dat het gevolg een ‘run’ naar kwakzalvers en geheimmiddelen zal zijn. Hoewel verschillende landen in 1926 breken met gecontroleerde bordelen en gedwongen medische keuringen bij prostituees, betwijfelen velen toch het succes van vrijwillige behandeling.

Bestrijding in Duitsland

Opmerkelijke straffen

In de jaren twintig en dertig hanteren Westerse landen opmerkelijk strenge straffen: in Duitsland is het hebben van een geslachtsziekte – voor mensen die werken bij een bedrijf dat geneesmiddelen verkoopt – reden tot onmiddellijk ontslag. En wie in Polen iemand blootstelt aan een geslachtsziekte, riskeert een gevangenisstraf van drie jaar. 

Onderzoek naar kwakzalvers

Hoewel de georganiseerde geslachtsziektebestrijding steeds meer vorm krijgt, melden patiënten zich nog regelmatig bij de kwakzalver. In Philadelphia vindt een  opzienbarend onderzoek plaats naar dit soort ‘wonderdokters’. De kwakzalvers zijn vaak gevestigd boven zogenaamde museums for men (waar mannen boekjes, kalenders en gidsen krijgen uitgedeeld), zodat ze ziek ogende bezoekers direct kunnen benaderen. Ook gebruiken veel kwakzalvers elektrische apparaten. De enige reden hiervoor is dat patiënten door het lawaai en de vonken onder de indruk raken van hun ‘behandeling’.

Gratis behandeling in Nederlandse haven

Door de Conventie van Brussel kunnen zeelieden gratis behandeld worden in Nederlandse havens.

Behandeling wint het van preventieve middelen

In 1925 opent Amsterdam poliklinieken waar men zich kosteloos kan laten behandelen voor geslachtsziekten. Vijf jaar later sluit Nederland zich aan bij de overeenkomst zoals gesloten in Brussel. Volgens deze overeenkomst krijgen schepelingen van de koopvaardij in alle aangesloten landen de gelegenheid om zich gratis voor geslachtsziekten te laten behandelen. In 1925 laait er een discussie op over de marine: de overheid blijkt preventieve middelen (geen condooms, wel ontsmettingsmiddelen) aan marinepersoneel te verstrekken. Mariniers zouden zelfs worden aangemoedigd om de middelen gratis te gebruiken. Uit het artikel in NTvG spreekt ontsteltenis; preventieve middelen zijn duidelijk een gevoelig onderwerp.

Geïntensiveerde strijd

In 1929 haalt huidarts P.H. van der Hoog (anno 2014 bekend als geestelijk vader van het huidverzorgingsmerk Dr. van der Hoog) uit naar de Nederlandsche Vereeniging tot bestrijding der geslachtsziekten. Hij is teleurgesteld over het ontbreken van statistische gegevens over geslachtsziekten. Ook beschuldigt hij de vereniging ervan zo onzorgvuldig met subsidies om te gaan, dat er financiële problemen ontstaan. Ondertussen neemt een aantal kruisverenigingen geslachtsziekten in hun programma’s op. Deze verenigingen zijn niet alleen in de stad, maar ook op het platteland actief. De strijd tegen geslachtsziekten wordt daardoor geïntensiveerd. 

Tijd voor vernieuwing

In 1932 wordt een nieuwe koers ingeslagen. De vereniging draagt haar medische taak over aan federatieve provinciale commissies. Ook worden er  adviesbureaus opgericht. Deze bureaus verrichten maatschappelijk werk, waardoor behandeling van patiënten bevorderd wordt. De vereniging schrijft het werkplan voor de adviesbureaus en bewaart de eenheid binnen het provinciale werk. Nu de vereniging zich meer op preventie in plaats van behandeling richt, wijzigt zij haar naam in Nederlandsche Vereeniging voor Zedelijke Volksgezondheid (Nederlandsche Vereeniging tot bestrijding der geslachtsziekten).

Bijzondere ontdekking

In 1928 wordt penicilline  ontdekt. Ontdekker Alexander Fleming stopt echter voortijdig met zijn onderzoek, omdat hij meent dat penicilline niet in staat zal zijn om bacteriën in het lichaam te doden. Men zal daarom pas jaren later ontdekken dat penicilline gebruikt kan worden om bacteriële (geslachts)ziekten te bestrijden.

Alexander Fleming

Delen