1914-1923 Begin van de georganiseerde soa-bestrijding
Lees meer

1914-1923: Het begin van de georganiseerde soa-bestrijding

De soa-bestrijding bestaat honderd jaar. Een flinke mijlpaal, waar wij bij stilstaan door terug te blikken. We beginnen met het decennium 1914 – 1923. In deze periode wordt de Nederlandsche Vereeniging tot bestrijding der geslachtsziekten (de voorloper van Soa Aids Nederland) opgericht en speelt de Eerste Wereldoorlog een grote rol, ook op soa-gebied.

Geschiedenis van de geslachtsziekten

Al in de Middeleeuwen komen geslachtsziekten voor. Bijvoorbeeld syfilis. De verspreiding van syfilis in Europa wordt vaak gelinkt aan de ontdekkingsreizen van Columbus. In de 13e eeuw zijn er echter al Europeanen die symptomen van deze ziekte vertonen. Ook gonorroe komt voor in de Middeleeuwen. Zo heerst er in 1256 een gonorroe epidemie in Frankrijk, waarna koning Lodewijk XI alle patiënten uit zijn koninkrijk verbant. Het is dan nog niet bekend hoe de ziekte behandeld moet worden. 

 

Aanloop naar 1914

In de 20e eeuw zorgen syfilis en gonorroe voor grote problemen. Besmetting vindt plaats op allerlei manieren. Niet alle patiënten laten zich behandelen. In 1911 besluit de Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der geneeskunst daarom een onderzoek uit te voeren naar de bestrijding van deze ziekten. De onderzoekscommissie concludeert: ‘De Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der geneeskunst neme het initiatief tot de oprichting van een permanent lichaam, dat zich de bestrijding der geslachtsziekten ten doel stelt.'

 

Oprichting van de vereniging

In 1914 wordt dit permanente lichaam opgericht onder de naam Nederlandsche Vereeniging tot bestrijding der geslachtsziekten (hierna aangeduid als ‘de vereniging’). De vereniging bestrijdt geslachtsziekten door het verzamelen van betrouwbare gegevens, publieksvoorlichting, deskundigheidsbevordering en het creëren van draagvlak: vier activiteiten die anno 2014 nog steeds tot onze speerpunten behoren.

Eene waarschuwing aan Zeelieden

Eerste interventie

In 1915 start de vereniging haar eerste grootschalige interventie: het verspreiden van de brochure Over geslachtsziekten onder gemobiliseerde soldaten. Dit verloopt echter niet zonder slag of stoot. Slechts 140.000 brochures komen daadwerkelijk bij de soldaten terecht. De vereniging besluit daarom binnen haar geneeskundige commissie een Officier van Gezondheid van de zeemacht op te nemen. Doel hiervan is om de behandeling van soldaten te verbeteren. Er zijn artsen nodig met specialistische kennis en ervaring.

Voorbehoedsmiddelen

Zowel onder geneeskundigen als binnen de vereniging vindt stevige discussie plaats over voorbehoedsmiddelen (‘zelfontsmetting’ en condooms). Moet men deze middelen aanbevelen aan de burger? Of is dat een aanmoediging tot onzedelijk gedrag? Arts en redacteur Pieter Muntendam zegt hierover (1917): ‘Dit kan inderdaad zijn of opgevat worden als een aanmoediging van prostitutie, die uit moreel oogpunt onverdedigbaar is, en verspreiding van venerische ziekten eerder zou bevorderen.’ In 1921 publiceert NTvG aanwijzingen voor zelfontsmetting.

 

Kwikbehandeling in de Middeleeuwen

Geslachtsziekten tijdens WOI

Tijdens de Eerste Wereldoorlog raken veel mensen besmet met een geslachtsziekte. ‘De gewijzigde mentaliteit van de oorlogvoerenden, de verruwing, het nog willen genieten als de dood zoo nabij is, het volkomen opgeheven zijn van gezinsbanden, hebben in eigen en vreemd land het buitenechtelijke geslachtsverkeer doen toenemen,’ schrijft sociaal geneeskundige Louis Heijermans. Men vraagt zich af of de mentaliteit in het leger verantwoordelijk is voor de toename van geslachtsziekten. Een onderzoek uit 1923 levert hierover interessante conclusies op.

Maatregelen

In 1918 komt de oorlog ten eind. Er zijn maatregelen nodig om het aantal geslachtsziekten terug te dringen. De vereniging roept op tot kosteloze behandeling in poliklinieken. Ook besluit zij consultatiebureaus op te richten. In 1919 krijgt de vereniging een rijkssubsidie voor deze bureaus. Dit onder één voorwaarde van de regering: de bureaus mogen geen voorbehoedsmiddelen aanraden. Doel van de bureaus is om geneeskundige behandeling te bevorderen. Voor zover bekend maken weinig andere landen gebruik van consultatiebureaus, en is Nederland hierin een voorloper. Verder is voorlichting (propaganda) voor het volk noodzakelijk. Over het voeren van propaganda hebben internationale geslachtsziektebestrijders verschillende opvattingen.

 

Sexueele Hygiëne

Na de oorlog wil de vereniging de kennis over geslachtsziekten grootschalig verspreiden. In 1920 verschijnt met dit doel de eerste uitgave van het tijdschrift Sexueele Hygiëne, de voorloper van de huidige Seksoa app.

 

Delen