Terug naar overzicht

VRAAG HET AAN…Dokter, ben ik nu onvruchtbaar?

30/01/2015

Medisch
Illustratie: Molly Borman

Linda komt bij de huisarts met de vraag of ze later nog wel kinderen kan krijgen. Ze is geschrokken van de uitslag van haar chlamydia-test die ze ‘voor de zekerheid’ had laten uitvoeren nu ze ‘het’ in haar nieuwe relatie ‘zonder’ wil gaan doen. Ze had nergens last van en was ervan uitgegaan dat de test negatief zou zijn, die bleek positief.

Antwoord
De kans op onvruchtbaarheid door een chlamydia infectie wordt wisselend ingeschat (Simms Int J Std &aids 2008). In kosteneffectiviteit studies uit het verleden, werd een gemiddelde kans aangenomen van 22,4 procent, met een spreiding van 10-35 procent (Herzog SA et al. Seks Transm Dis 2012). In een recente review werd de kans op tuba-gerelateerde infertiliteit naar beneden bijgesteld en geschat op 0,1-4,6 procent. (J.A. Land, J.E.A.M. Van Bergen et al. Human Reproduction Update 2010). Een systematische evidence review van het ECDC concludeerde dat er weinig onderzoek met sterke bewijskracht is, maar dat complicaties lager zijn dan eerder werd verondersteld (ECDC 2014). Het ontbreken van een gouden standaard voor de diagnose PID als ook het bestaan van subklinische ‘stille’ PID, waarbij tubaschade is ontstaan zonder dat vrouwen zich een episode van ernstige buikpijn met koorts herinneren, compliceert het verkrijgen van juiste data om de vraagstelling ‘lege artis’ te beantwoorden.

‘Opstijgende’ infectie
Om eileiderschade te bewerkstelligen gaat men ervan uit dat een chlamydia infectie eerst de cervicale barrière moet passeren. Slechts een kleine minderheid van de Ct-infecties zal tot een dergelijke ‘PID’ (pelvic inflammatory disease – eileiderontsteking) leiden. Gegevens hierover zijn niet goed bekend, maar naar schatting ligt dit percentage rond 10 procent (Oakshott BMJ 2010). Indien er sprake is van een ‘opstijgende infectie’ en dus PID zal dit niet altijd tot tubagerelateerde infertiliteit leiden. Afhankelijk van de ernst van de PID is de kans op onvruchtbaarheid rond de 11 procent. Bij een milde PID was de kans op onvruchtbaarheid 4 procent; na 3 episoden met PID was de kans 40 procent: een nieuwe PID verdubbelt blijkbaar de kans op onvruchtbaarheid met elke volgende infectie. Deze gegevens komen uit een grote cohort studie (n=1200) waarbij vrouwen die een laparoscopie hebben ondergaan gedurende langere tijd vervolgd zijn (Westrom et al 1992).

Kansen
Theoretisch zou de gemiddelde kans op onvruchtbaarheid na een enkele asymptomatische chlamydia infectie dus klein zijn: 10 procent van 11 procent = 1 procent. Gemiddelden zeggen echter weinig over de specifieke situatie, waarbij de uitkomst veelal bepaald wordt door het menage a trois tussen immunologische gastvrouwfactoren, pathogeenspecifieke eigenschappen van de chlamydia biovariant en contextuele variabelen (zoals de aanwezigheid van bacteriële vaginosis en/of andere co-infecties; specifieke kenmerken van het vaginaal micobioom).
Voor de patiënt zeggen gemiddelde kansen vaak weinig en vertaalt de ongerustheid zich vaak in een kans van fifty-fifty: ‘ik heb het of ik heb het niet’. De huisarts doet er goed aan stil te staan bij de ongerustheid van de patiënt en deze informatie op maat te bespreken. Een ‘vruchtbaarheidszekerheidstest’ is er niet. Natuurlijk is het wel zaak om ook even stil te staan bij preventie, gegeven het feit dat re-infecties met chlamydia vaak voorkomen. Het ‘positieve’ verhaal bij een positieve chlamydia testuitslag is immers dat de kans op infertiliteit na een eenmalige asymptomatische chlamydia infectie klein is, maar met elke volgende infectie worden deze ‘odds’ wel veel minder positief (Hillis 1997): “zorg ervoor dat je het geen tweede keer oploopt…”. Een mooie aanleiding om partnerwaarschuwing en condoomgebruik in losse relaties te bespreken.

Literatuur
Simms I, Hornert P. Has the incidence of pelvic inflammatory disease following chlamydial infection been overestimated? Int J STD AIDS. 2008;19(4):285–286.
Herzog SA, Heijne JCM, Althaus CL, et al. Describing the progression from Chlamydia trachomatis and Neisseria gonorrhoeae to pelvic inflammatory disease: systematic review of mathematical modeling studies. Sex Transm Dis.2012;39(8):628–637.
Land JA, van Bergen JEAM, Morré SA, et al. Epidemiology of Chlamydia trachomatis infection in women and the costeffectiveness of screening. Hum Reprod Update. 2010;16(2): 189–204.
European Centre for Disease Prevention and Control. Chlamydia control in Europe: literature review. Stockholm: ECDC; 2014. Stockholm
Oakeshott P, Kerry S, Aghaizu A, et al. Randomised controlled trial of screening for Chlamydia trachomatis to prevent pelvic inflammatory disease: the POPI (Prevention of Pelvic Infection) trial. BMJ. 2010;340:c1642.
Westrom L, Joesoef R, Reynolds G, Hagdu A, Thompson SE. Pelvic inflammatory disease and fertility; a cohort study of 1844 women with laparoscopically verified disease and 657 control women with normal laparoscopic results. Sex Transm Dis 1992;4:185–191. Obstet Gynecol. 1997;176(1):103–107.
Hillis SD, Owens LM, Marchbanks PA, et al. Recurrent chlamydial infections increase the risks of hospitalization for ectopic pregnancy and pelvic inflammatory disease. Am J Obstet Gynecol. 1997;176(1):103–107.

Delen

Alle SekSoa Magazine artikelen zijn terug te vinden in ons archief

Bekijk archief