Terug naar overzicht

Nederlandse huisartsen en PrEP

07/09/2018

Een onderzoek naar de kennis, mening en verwachtingen van huisartsen over PrEP.

Onderzoek

Auteur(s): Manon (M.C.) Vanbellinghen, master geneeskunde, AMC, Amsterdam | Rutger (R.F.) Poelakker, master geneeskunde, AMC, Amsterdam | Sebastiaan (S.C.M.) Joosten, master geneeskunde, AMC, Amsterdam 


Lees ook het redactioneel commentaar Zijn huisartsen PrEPared? van Jan van Bergen, bijzonder hoogleraar hiv en soa, huisarts en voorzitter van Sekshag.

Sinds het European Medicines Agency (EMA) in 2016 groen licht gaf voor het gebruik van Truvada als Pre Expositie Profylaxe (PrEP) mag het in Nederland worden voorgeschreven om een hiv-infectie te voorkomen. Wij deden onderzoek naar de kennis van Nederlandse huisartsen over PrEP en tevens naar hun mening en verwachtingen omtrent de eventuele implementatie ervan in het hiv-preventie beleid. Met de reden dat voor een optimale effectiviteit van PrEP een hoge mate van therapietrouw noodzakelijk is en de huisarts een belangrijke rol speelt bij het informeren en motiveren van de patiënt.

Hiv in Nederland

De laatste jaren blijft het aantal nieuwe hiv-diagnoses in Nederland hangen tussen de 800 en 900 per jaar1. Dit kan betekenen dat de huidige preventie methoden, zoals het promoten van veilige seks en het regelmatig testen op seksueel overdraagbare aandoeningen, niet volstaan om een verdere daling van de hiv-incidentie te bewerkstelligen. In meerdere studies is aangetoond dat het dagelijks innemen van het combinatiepreparaat Truvada tot 99 procent effectief kan zijn in het voorkomen van hiv-transmissie mits er sprake is van een hoge mate van therapietrouw2. Integratie hiervan in het Nederlandse hiv-preventiebeleid zou mogelijk een gunstig effect kunnen hebben op de jaarlijkse hiv-incidentie.

Recente ontwikkelingen

PrEP werd in augustus 2016 goedgekeurd door het European Medicines Agency (EMA) en mag sindsdien in Nederland worden voorgeschreven3. In maart 2018 publiceerde de Gezondheidsraad een advies over de invoering van PrEP in Nederland waarin gebruik van PrEP door hoogrisico-MSM wordt geadviseerd in combinatie met gerichte voorlichting en een evaluatie van het langetermijneffect na vijf jaar4. Op basis hiervan zal de minister van Gezondheid verdere beslissingen nemen over de rol van PrEP in het Nederlandse hiv-preventie beleid en over een eventuele vergoeding van PrEP. Op dit moment wordt PrEP in Nederland dus niet vergoed door de ziektekostenverzekeraar en zijn kosten geheel voor de rekening van de gebruiker. Eerder bedroegen de kosten van een PrEP jaarbehandeling ongeveer 7000 euro5, echter sinds januari 2018 zijn betaalbare versies van PrEP op de Nederlandse markt gekomen voor rond de 50 euro per 30 pillen6. Het is te verwachten dat hierdoor meer potentiële gebruikers naar de huisarts zullen gaan voor een voorschrift.

Rol van de huisarts

Bescherming tegen hiv door PrEP is alleen gegarandeerd als vooraf en tijdens gebruik de juiste tests en controles plaatsvinden. De huisarts heeft hierbij de taak goede zorg en begeleiding aan te bieden bij het gebruik van PrEP waardoor het van belang is dat zij op de hoogte zijn van wat PrEP is en hoe het moet worden gebruikt. Het is aannemelijk dat huisartsen bedenkingen hebben over onder andere een mogelijke stijging van seksueel overdraagbare aandoeningen onder de gebruikers door een toename in risicovol seksueel gedrag en over de mate van therapietrouw in de beoogde doelgroepen. Door middel van een online vragenlijst onderzochten wij de verwachtingen van Nederlandse huisartsen over het effect van PrEP op de hiv-incidentie, alsmede hun kennis van PrEP en hun verwachte handelswijze in eigen praktijk. Een vragenlijst werd per mail verstuurd naar 2032 huisartsen tussen april en juli 2016. Op 22 augustus 2016 werd de vragenlijst afgesloten, in totaal vulden 416 artsen de vragenlijst in. De groep respondenten bestond uit 192 vrouwelijke en 224 mannelijke huisartsen, ruim de helft was werkzaam in een stad en de mediane leeftijd lag op 50 jaar.

Beperkte kennis

Het doel van PrEP inname was bekend bij 42.3% van de huisartsen, terwijl 38.7% meende dat het de kans op een hiv-infectie verminderde na een hoog risico contact. Dit laatste wijst erop dat deze groep PrEP verwarde met Post Expositie Profylaxe (PEP). Ongeveer een derde (28.4%) wist dat PrEP zowel dagelijkse als intermitterend, in periodes van hoog risico contacten, kan worden ingenomen. Anderzijds gaf ook ruim een derde (33.2%) aan geen idee te hebben wanneer PrEP moet worden ingenomen. Slechts 19.5% wist dat bij correct gebruik van PrEP een effectiviteit van 99% bereikt kan worden, meer dan de helft wist niet welke mate van effectiviteit mogelijk is en de rest gaf een onderschatting.

Een positieve houding

Ruim de helft van de respondenten gaf aan dat het huidige hiv-preventie beleid in hun ogen tekortschiet. Het merendeel van de huisartsen was het eens met de stelling dat PrEP het aantal nieuwe hiv-infecties in Nederland omlaag kan brengen. Tevens leken veel huisartsen voorstander te zijn van het vergoeden van een PrEP behandeling. De meesten waren van mening dat mensen die geen condoom willen gebruiken bij seks ook in aanmerking komen voor een PrEP behandeling. Uit deze resultaten blijkt dat huisartsen een overwegend positieve houding tegenover PrEP hebben. De resultaten die in deze paragraaf worden besproken staan weergegeven in Figuur 1.

Niet alleen maar rooskleurig

Toch koestert een grote groep bedenkingen over de te verwachten therapietrouw onder de doelgroep.  Ook gaf een meerderheid van de artsen aan bezorgd te zijn over een mogelijke afname van condoomgebruik en daarbij een stijging van het aantal besmettingen met andere soa’s zoals gonorroe, syfilis en chlamydia. Deze verwachtingen zijn niet geheel ongerechtvaardigd aangezien een meta-analyse uitgevoerd door Kojima et al. inderdaad een stijging van het aantal soa-infecties liet zien onder PrEP-gebruikers7. Er zijn echter ook andere studies die geen risicovoller seksueel gedrag, zoals meer partners en minder condoomgebruik, hebben gerapporteerd onder PrEP-gebruikers.8,9

In de eigen praktijk

Gevraagd of zij zelf potentiële PrEP gebruikers in hun praktijk hadden, antwoordde 56,7% van de artsen bevestigend. 56,3% zou zelf PrEP ter sprake brengen bij de patiënt en slechts 14,4% gaf aan dit niet van plan te zijn. Een meerderheid van 65,9% zou PrEP voorschrijven aan de hand van een richtlijn en 23,3% had hierover nog geen mening gevormd. Uit de resultaten kwam verder naar voren dat de meeste huisartsen op jaarlijkse basis weinig hiv-diagnoses stellen. Ruim de helft (55%) gaf aan minder dan 1 keer per jaar een patiënt te zien met een de novo hiv-infectie en voor bijna alle resterende artsen (42,8%) lag dit tussen de 1 en 5 diagnoses per jaar.

Wat kunnen we hieruit opmaken?

Samenvattend lijkt de kennis van de huisartsen vooralsnog te laag om een effectieve implementatie van PrEP te garanderen. Desondanks waren de meningen over PrEP overwegend positief en lijken de huisartsen PrEP te verwelkomen als een nieuw instrument in het hiv-preventie beleid. De artsen gaven wel aan zorgen te hebben over therapietrouw, afname van condoomgebruik en toename van infecties met andere soa’s.

Belangrijk om op te merken is dat huisartsen de vragenlijst opgestuurd kregen tussen april en juli 2016. Sindsdien hebben op het gebied van PrEP in Nederland meerdere veranderingen plaatsgevonden, zoals de ontwikkeling van een richtlijn in september 2016 door de NVHB en het beschikbaar worden van goedkopere generieke PrEP pillen. Het is niet onwaarschijnlijk dat huisartsen thans meer kennis hebben over PrEP en tevens hun mening hierover hebben bijgesteld.

 

Lees ook het redactioneel commentaar Zijn huisartsen PrEPared? van Jan van Bergen, bijzonder hoogleraar hiv en soa, huisarts en voorzitter van Sekshag.


  1. Sighem A.I. van BTS, Wit F.W.N.M., Smit C., Matser A., Reiss P. HIV Monitoring Report 2017. Human Immunodefciency Virus (HIV) Infection in the Netherlands. Amsterdam: Stichting HIV Monitoring,; 2017.
  2. FDA approves first drug for reducing the risk of sexually acquired HIV infection [press release]. 16 juli 2012.
  3. European Commission grants marketing authorization for Gilead’s Once-Daily Truvada® For reducing the risk of sexually acquired HIV-1 [press release]. 22 augustus 2016.
  4. Gezondheidsraad. Preventief gebruik van hiv-remmers. Den Haag; 2018. Report No.: Nr. 2018/06.
  5. Nichols BE, Boucher CAB, van der Valk M, Rijnders BJA, van de Vijver DAMC. Cost-effectiveness analysis of pre-exposure prophylaxis for HIV-1 prevention in the Netherlands: a mathematical modelling study. The Lancet Infectious Diseases. 2016;16(12):1423-9.
  6. Soa Aids Nederland. PrEP is in Nederland verkrijgbaar 2018 [Available from: https://www.soaaids.nl/nl/professionals/dossiers/prep/verkrijgbaar-neder....
  7. Kojima N, Davey DJ, Klausner JD. Pre-exposure prophylaxis for HIV infection and new sexually transmitted infections among men who have sex with men. AIDS (London, England). 2016;30(14):2251-2.
  8. Marcus JL, Glidden DV, Mayer KH, Liu AY, Buchbinder SP, Amico KR, et al. No evidence of sexual risk compensation in the iPrEx trial of daily oral HIV preexposure prophylaxis. PloS one. 2013;8(12):e81997.
  9. Guest G, Shattuck D, Johnson L, Akumatey B, Clarke EE, Chen PL, et al. Changes in sexual risk behavior among participants in a PrEP HIV prevention trial. Sexually transmitted diseases. 2008;35(12):1002-8.
Delen

Alle SekSoa Magazine artikelen zijn terug te vinden in ons archief

Bekijk archief