Terug naar overzicht

De seksuele gezondheid van LHBT’s in Nederland

03/04/2015

Onderzoek

Recent onderzoek onder lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen en transgenders (LHBT) geeft een actueel beeld van de seksuele gezondheid en factoren die hiermee samenhangen. Verschillende problemen op seksueel gebied komen vaker voor onder lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen en transgenders (LHBT) dan onder heteroseksuele mannen en vrouwen of mensen zonder transgendergevoelens (cisgenders).

Dit artikel beschrijft de belangrijkste resultaten van twee studies. De eerste studie toont op basis van literatuuronderzoek en secundaire analyses aan dat verschillende seksuele gezondheidsproblemen vaker voorkomen onder LHBT dan in de heteroseksuele bevolking. De tweede studie, een surveyonderzoek onder bijna 5.000 LHBT, laat vooral de diversiteit binnen de LHBT-groep zien. Extra aandacht blijkt nodig voor ervaringen met geweld en grensoverschrijding van LHBT, de wijze waarop MSM zichzelf beschermen tegen hiv en soa’s en de seksuele gezondheid van transgenders. Seksuele gezondheid is in beide studies breed opgevat. Het gaat niet alleen over seksueel gedrag en het risico op hiv en andere soa’s, maar ook over seksueel plezier, seksuele problemen en ervaringen met seksuele grensoverschrijding en geweld.

Grote mate van diversiteit
Binnen de groep homo- en biseksuele mannen en vrouwen bestaat veel variatie in verschillende aspecten van seksuele oriëntatie, zoals seksuele aantrekking tot mannen en/of vrouwen, zelfbenoeming, verliefdheid, relaties en seksueel gedrag. Binnen de groep transgenders (mensen bij wie de huidige genderidentiteit niet geheel of uitsluitend overeen komt met het geslacht dat hen bij de geboorte was toegekend) bestaat veel variatie wat betreft genderidentiteit, zelfbenoeming, genderexpressie en transitiewens. De verschillen zijn vooral groot tussen transmannen en -vrouwen enerzijds (die zich helemaal man respectievelijk vrouw voelen) en transgenderisten anderzijds (die zich deels als man en deels als vrouw, als iets ertussenin of als geen van beide identificeren). Ook de seksuele oriëntatie van transgenders is zeer divers.

Tevreden met seksleven?
De meerderheid van de LHBT’s geniet van seks, heeft voldoende seksueel zelfvertrouwen en geen schuldgevoelens over seks. Toch komt er onder alle groepen behoorlijk wat onzekerheid voor tijdens seks, zowel over het uiterlijk als over de prestaties. Vooral onder transgenders geeft een grote groep aan zich onzeker te voelen over hun lichaam of zich niet op hun gemak te voelen tijdens seks. Iets meer dan de helft van de homomannen en bijna de helft van de vrouwen en biseksuele mannen is tevreden over het seksleven. Bij transvrouwen is dat ongeveer een kwart en onder transmannen en transgenderisten ongeveer een derde. Lesbische hebben minder seksueel zelfvertrouwen dan heteroseksuele vrouwen. Biseksuelen en transvrouwen voelen zich vaker schuldig over hun seksuele gedrag dan heteroseksuele mannen en vrouwen en cisgenders.

Veel of weinig seks
Homo- en biseksuele mannen en biseksuele vrouwen zijn het meest seksueel actief. Zij hebben meer sekspartners en vaker seks onder invloed van drugs dan heteroseksuelen. Een op de drie mannen en een op de acht biseksuele vrouwen had in de afgelopen zes maanden meerdere sekspartners. Lesbische vrouwen en transgenders hebben juist relatief vaak geen seks. Dat geldt voor een op de drie lesbische vrouwen en ongeveer de helft van de transgenders. Dit valt waarschijnlijk deels toe te schrijven aan het ontbreken van een vaste partner, maar ook binnen vaste relaties heeft een op de vijf lesbische vrouwen en een kwart van de transgenders geen seks. Veel LHBT’s die geen seks hebben vinden dit jammer.

Seksuele problemen geen zeldzaamheid
Meer transgenders en lesbische en biseksuele vrouwen hebben last van een seksueel probleem. Seksuele problemen zijn problemen met opwinding en verlangen, orgasmeproblemen, erectieproblemen, lubricatieproblemen, vroegtijdig klaarkomen en pijn. Eén op de acht homomannen, één op de zes biseksuele mannen, één op de zeven lesbische vrouwen en één op de vijf biseksuele vrouwen heeft hier last van. Onder transgenders komen seksuele problemen nog iets vaker voor, namelijk bij één op de vier transvrouwen, transmannen en man-naar-vrouw transgenderisten en bij twee van de vijf vrouw-naar-man transgenderisten. Transgenders die tevreden zijn over hun lichaam, hebben minder vaak last van seksuele problemen.

Hiv-preventie bij MSM
Van alle homo- en biseksuele mannen in de recente survey had ruim de helft in het afgelopen half jaar seks met een man (MSM). Bij 58 procent van de MSM was dit (ook) met een losse partner; binnen deze groep heeft 26 procent het afgelopen half jaar onbeschermde anale seks gehad met een losse partner. Ongeveer een kwart van de MSM heeft zich in het afgelopen jaar laten testen op hiv. MSM met meerdere sekspartners doen dat vaker. Naast condoomgebruik en testen, hanteren MSM andere risicoreductie strategieën om zichzelf en anderen te beschermen voor hiv-overdracht. Twee derde van de hiv-negatieve en niet geteste mannen met onbeschermde contacten probeert dit bijvoorbeeld alleen te doen met hiv-negatieve partners (serosorteren). Ze weten dit echter niet altijd zeker. Er is (vaak) geen expliciete communicatie over de hiv-status of er is niet altijd recent op hiv getest. Wat betreft de medische preventiemogelijkheden is ongeveer de helft van de hiv-negatieve of niet-geteste MSM bekend met PEP en 15 procent met PrEP. Bijna de helft vindt een PrEP-aanbod wenselijk; een op de vijf zou het gebruik overwegen.

Hoge prevalentie van grensoverschrijding en seksueel geweld
Bijna alle groepen, behalve lesbische vrouwen, hebben relatief vaak seksueel geweld meegemaakt. Ongeveer een op de zeven homo- en biseksuele mannen, een kwart van de lesbische vrouwen en een op de drie biseksuele vrouwen heeft seksueel geweld meegemaakt. Hetzelfde geldt voor een op de vijf man-naar-vrouw-spectrum transgenders, een op de drie transmannen en bijna de helft van de vrouw-naar-man transgenderisten. De plegers zijn vrijwel altijd man en meestal een bekende van het slachtoffer. Jonge LHBT’s zijn extra kwetsbaar en mannen en man-naar-vrouw transgenders die in hun jeugd meisjesachtiger waren, hebben vaker seksueel geweld meegemaakt.

Het belang van psychische gezondheid
LHBT’s blijven ook wat betreft psychische gezondheid achter bij heteroseksuelen en cisgenders. Psychische gezondheid hangt bovendien samen met verschillende aspecten van seksuele gezondheid. Bij LHB hangt een goede psychische gezondheid bijvoorbeeld samen met minder seksuele problemen. In drie van de vier groepen transgenders hangt dit samen met een positieve seksbeleving. In alle groepen LHBT’s hangt het meemaken van seksueel geweld samen met een minder goede psychische gezondheid. Bij al deze verbanden kan een goede psychische gezondheid zowel oorzaak als gevolg zijn van een goede seksuele gezondheid.

Hoe verder?
In 2014 hebben drie werkbijeenkomsten plaatsgevonden met relevante partijen: over ervaringen met geweld en grensoverschrijding van LHBT, hiv en soa’s bij MSM en de seksuele gezondheid van transgenders. In deze bijeenkomsten zijn aanbevelingen gedaan, zoals het screenen van lesmaterialen op LHBT, resultaten delen met de doelgroep, en (na)zorg voor transgenders beter vindbaar maken. Wat betreft hiv- en soa’s, zou het testen bij de huisarts makkelijker kunnen worden en is het nodig informatie te verspreiden over het correct toepassen van risicoreductie strategieën en de mogelijkheden van PEP en PrEP. Bij professionals kan de sensitiviteit voor en kennis over LHBT vergroot worden door specifieke aandacht in opleidingen en nascholing, Met deze aanbevelingen gaan wij en onze partners de komende tijd verder aan de slag.

 

Graaf, H. de, Bakker, B.H.W., & Wijsen, C. (Red.) (2014). Een wereld van verschil. Seksuele gezondheid van LHBT’s in Nederland 2103. Delft: Eburon.

Rutgers WPF (2013). Wat maakt het verschil? Diversiteit in de seksuele gezondheid van LHBT’s. Utrecht: Rutgers WPF.

Beide publicaties kunt u downloaden of bestellen via www.rutgerswpf.nl. Voor meer informatie en het opvragen van de verslagen van de werkbijeenkomsten, kunt u terecht bij Hanneke de Graaf (h.degraaf@rutgers.nl)

Delen

Alle SekSoa Magazine artikelen zijn terug te vinden in ons archief

Bekijk archief